Welk effect hebben baby-en peuterstoeltjes zoals de Maxicosi op de psychische, fysieke en sociale ontwikkeling van een kind?

Sinds de intrede van de Maxicosistoeltjes voor baby's en peuters, een jaar of dertig geleden, worden jonge kinderen nauwelijks meer gedragen door hun ouders. Ik vraag me af wat dit betekent op korte en lange termijn: kinderen die op de arm van, meestal, hun ouders worden gedragen, hebben nauw contact: fysiek, sensorisch, mentaal, voelen de lichaamswarmte en harteklop van de volwassene, zijn op ooghoogte, kortom worden veel intenser gekoesterd dan kinderen die op afstand in een Maxicosi worden gezet. Ook voor ouders betekent de nabijheid van hun kind op de arm (of in een slendang) de optimale kans op het bieden en verkrijgen van een goede affectieve relatie. Daarbij vermoed ik dat een jong kind dat gestabiliseerd wordt in een stoeltje, nauwelijks kans heeft zich te bewegen en daarmee belangrijke motorische oefeningen mist hetgeen ook in cognitief en sociaal opzicht ongunstig is. Zeker wanneer een box of ouderwetse kinderwagen, waarin een kind goed kan bewegen, nauwelijks gebruikt wordt. Niets is zo persoonlijk als het gedragen en gekoesterd worden door ouders/verzorgers. Onontbeerlijk voor de ontwikkeling van een goede attachment. Juist dat laatste is bij onze jongeren van nu, in een tijd van uiterste individualisering, profilering, vaak minder goed ontwikkeld.