welk deel van de overheidsgelden voor armoedebestrijding komt rechtstreeks ten goede aan de armen

30 jaar geleden ongeveer vroeg ik als lid van de Nederlandse afdeling van de EAPN (Europees anti armoede netwerk) aan de afdeling arbeidsvraagstukken van de Universiteit van Tilburg onderzoek te doen naar het concrete bedrag van het overheidsbudget voor armoedebestrijding dat rechtstreeks aan armen ten goede komt en welk bedrag opgaat aan onderzoek naar, organisatie en bureaucratie van armoedebestrijding. De vraag is nooit beantwoord. In dezelfde periode stelde ik in de pauze van een congres over armoede en uitsluiting de vraag ook aan een aanwezige hoge ambtenaar van het Ministerie van Sociale Zaken. Zijn reactie: "Wilt u dat echt weten?" Toen ik bevestigend antwoordde, stelde hij "dat is niet gezond, als ik u was zou ik de zaak laten rusten". Beide (niet) reacties combinerend kreeg ik het vervelende gevoel dat onderzoek naar de vraag negatieve gevolgen kon hebben voor subsidie en overheidsopdrachten