Wat zijn belangrijke barrières voor duurzame innovaties, hoe kunnen die beter worden begrepen in samenhang met de werking van formele en informele instituties en wat impliceert dat begrip voor manieren om in de praktijk duurzame innovaties te bevorderen?

Al jarenlang streven bedrijven en overheden op regionale, nationale en internationale schaal naar duurzame ontwikkeling. Duurzame ontwikkeling vraagt onder meer om wezenlijk andere manieren van consumeren en produceren. Om tot een duurzame ontwikkeling te komen is het essentieel om inzicht te krijgen in de samenhang van duurzame technieken en innovaties (inclusief innovaties op proces-niveau) met sociale en economische praktijken. Dat is niet eenvoudig, omdat formele en informele instituties nog teveel geënt zijn op niet-duurzame producten en diensten en teveel de ontwikkeling en acceptatie op de markt van duurzame innovaties in de weg staan. Instituties zijn regels, richtlijnen, waarden en normen die binnen (onderdelen van) de samenleving als vanzelfsprekend worden aangenomen en bepalen hoe dingen gedaan worden en georganiseerd zijn. Deze instituties bestaan binnen de Europese en Nederlandse samenleving, binnen specifieke industrieën en sectoren en binnen individuele organisaties. Als we duurzame ontwikkeling daadwerkelijk vorm willen geven dan is inzicht nodig in de wisselwerking tussen de werking van instituties met de ontwikkeling en acceptatie van duurzame innovaties en de fysieke infrastructuur. Tevens is inzicht nodig in hoe we deze instituties kunnen veranderen. Dit inzicht is nodig op verschillende schaalniveaus: vanuit maatschappelijk institutioneel perspectief, vanuit regionaal- en sectorperspectief en, essentieel, vanuit bedrijfsperspectief.