Wat moet het Nederlandse antwoord zijn op de toenemende rol van Azië in de sociale, politieke en economische ontwikkeling van Afrika?

In de 21e eeuw zien we dat Azië steeds belangrijker wordt in Afrika. Landen zoals China, Korea, Indië en Maleisië investeren in toenemende mate in Afrikaanse infrastructuur en land, terwijl ook de handel tussen de continenten een grote vlucht neemt. Op politiek gebied betekent dit bijvoorbeeld dat we steeds meer Afrikaanse leiders zien die naar Azië reizen om de ‘ontwikkelingslessen’ van dat continent beter te begrijpen. Maar ook in de banden tussen andere actoren –burgers, markt partijen en civil society– zien we grote veranderingen ontstaan. Veel van de ontwikkelingen zijn zo nieuw, zo bijzonder en zo snel dat de uitkomst moeilijk te voorspellen valt. Zijn deze trends positief voor Afrika? Betekenen de Aziatische investeringen en invloed een mogelijke bevrijding en emancipatie? Kunnen de Aziatische ontwikkelingsmodellen bijdragen om eindelijk de afhankelijkheid van Europa te doorbreken? Of bevestigen ze juist de historisch ondergeschikte rol van Afrika en haar afhankelijkheid van primaire grondstoffen en bedreigen ze uiteindelijk de verbeterde openheid en democratisering die de laatste jaren zijn bereikt? Welke mogelijkheden zijn er voor een positieve bijdrage van Nederland in dit veranderende krachtenspel van nieuwe donoren en ontwikkelingspartners op het Afrikaanse continent waar deels de toekomst van de wereld wordt bepaald?