Waarom bouwen we geen geoscopen die ons net zo gedetailleerd laten zien hoe de aarde onder onze voeten is samengesteld als telescopen dat doen met het heelal boven ons hoofd?

We brengen het heelal steeds beter in kaart. Door het combineren van allerlei telescopen, zoals voor zichtbaar licht, infrarood licht, radio- en röntgenstraling, hebben we inmiddels een mooi beeld gekregen van de wereld boven ons. Al die verschillende soorten straling die wij omhoog kijkend ontvangen, informeren ons niet alleen over de ruimtelijke bouw van het heelal maar ook over de chemische samenstelling en structuur van zijn sterren(stelsels) en planeten. Maar de wereld onder ons, dat wil zeggen de aarde van korst tot middelpunt, is nog maar heel globaal in beeld. Terwijl deze wereld veel kleiner en veel dichterbij is. Dat komt omdat het enige "licht" waarmee we naar binnen kunnen kijken, bestaat uit geluidsgolven: seismische trillingen veroorzaakt door toevallige aardbevingen. Via een soort MRI-methode kunnen we daaruit een ruimtelijk beeld construeren van de dichtheidsverdeling in de toverbal onder onze voeten, maar onze kennis van zijn chemische samenstelling en structuur is nog steeds niet veel meer dan een mooie verzameling (very) educated guesses. Net als in al die stralingsvormen uit het heelal, moet toch ook in de trillingen van de aarde veel meer informatie verstopt zitten dan we er tot nu toe uit hebben gehaald. Deze moet toch ontsloten kunnen worden?