Kunnen we net zo slim worden als de natuur?

In de afgelopen decennia is een ongekende hoeveelheid kennis over de kleinste bouwstenen van het leven, namelijk moleculen zoals RNA, DNA en eiwitten gegenereerd. Daarnaast zijn we begonnen met het in kaart brengen hoe deze bouwstenen interacties aangaan, en scheikunde stelt ons hierbij in staat om bijna elk klein molecuul te maken dat deze interacties beïnvloedt. Desondanks hebben we nog steeds geen duidelijk inzicht hoe cellen functioneren of hoe ziekten zich ontwikkelen. Bovendien is de natuur vaak nog slimmer dan wij om energie te produceren of effectieve materialen te maken. Recent is een aanzienlijke vooruitgang geboekt binnen de Nederlandse scheikunde en op het gebied van de levenswetenschappen om deze kloof te overbruggen: We ontwikkelen nieuwe methoden waarmee we kunnen zien hoe cellen functioneren en hoe daarbij de cellulaire bouwstenen op een atomair niveau interacties aangaan tot aan de formatie van functioneel weefsel. Door een slimme combinatie van deze nieuwe technieken zouden we in de toekomst direct kunnen volgen hoe medicijnen op gezonde en zieke cellen inwerken. Daarnaast zal het ons inzicht verschaffen bij het ontwerpen van nieuwe biomaterialen of de mogelijkheid creëren om van planten te leren hoe je energie of voedsel op een efficiëntere manier kan produceren.