In welke mate hebben virussen een negatief effect op de vastlegging van kooldioxide uit de atmosfeer door algen in zee?

De meestal eencellige algen in de zeeën en oceanen produceren 50% van de zuurstof op Aarde. Door het broeikaseffect is de concentratie kooldioxide (CO2) in de atmosfeer sterk toegenomen. Algen en planten leggen CO2 vast tijdens fotosynthese, waarbij ze dus helpen het broeikaseffect te verlagen. De meeste virussen in zee infecteren de in grootste aantallen aanwezige bacteriën en algen. Als de nieuw geproduceerde virussen vrijkomen, sterven de eencellige algen-gastheren. Dit voorkomt dus verdere vastlegging van CO2 door de alg. Door vertering van de dode algen komt er juist CO2 vrij (respiratie door bacteriën). De vraag is hoeveel CO2 er nu niet vastgelegd wordt ten gevolge van de activiteit van virussen en hoeveel graden opwarming dat geeft?