Hoe verhouden vrijwillige afspraken zich tot nationale rechtspraak en internationale afspraken die Nederland heeft ondertekend, zoals de UNFCCC? Ondermijnt deze aanpak bestaande rechtssystemen of biedt ze juist een alternatief?

In Nederland werken overheden en bedrijven aan vrijwillige convenanten zoals het Energieakkoord, vrijwillige standaarden in bijvoorbeeld de soja- en palmoliesector en de convenanten voor maatschappelijk verantwoord ondernemen.