Hoe ondersteun je communicatieve en talige competentie bij nietsprekende kinderen met motorische, verstandelijke en meervoudige beperkingen?

Kinderen die om verschillende redenen niet (meer) kunnen praten en daarnaast bijkomende stoornissen en beperkingen hebben, zijn voor hun ontwikkeling en dagelijks functioneren afhankelijk van communicatieondersteunende hulpmiddelen (w.o. spraakcomputers). Het kiezen van die best passende hulpmiddelen is gecompliceerd omdat de vaardigheden en mogelijkheden van de kinderen niet op traditioneel bekende manieren te testen zijn. Dat vereist aanpasbare assessmentmethoden, - technieken en ondersteunende technologie. Communicatie en taal ontstaan in het brein en zijn complex verbonden met andere ontwikkelingsgebieden in de hersenen (waaronder aandacht, waarneming, geheugen, cognitie, motoriek). Die uitgebreide verbindingen vormen een diep neuronaal netwerk. Dat maakt dat taal die niet tot spraak komt, via communicatie altijd een uitweg (of uitingsvorm) vindt; mits de omgeving dat signaleert en versterkt. Maar hoe ontdek je dat? Hoe onderzoek je dat? Met welke methoden, technieken en technologie├źn kunnen we ons inzicht vergroten in vaststellen van de competenties bij deze kinderen? Hoe komen we tot adviezen en verstrekking van communicatie- en taalondersteuning? Het ontbreken van een valide assessment leidt tot onbekwaam handelen en onthoudt deze kinderen van adequate oplossingen voor ontplooiing, leren en ontwikkeling. Zonder die communicatie- en taalondersteuning blijven participatie en inclusie loze begrippen!