Hoe maken we innovatie speels en productief?

Er wordt veel van innovatie verwacht, maar doorgaans komt er minder uit dan mogelijk. Innoveren suggereert dat je open, vrij en creatief een nieuwe invulling bedenkt die beter aansluit op wensen en ideeen. De tragiek is echter dat innoveren altijd plaatsvindt binnen mentale kaders die het oplossend vermogen beperken, binnen organisaties die werken met routines en verwachtingen, binnen de strategische spelen in sectoren en tussen landen die eerder aanzet tot imitatie dan tot eigenzinnigheid. Deze gretige aanpassing aan het bestaande reduceert de verrassing en brengt meer van hetzelfde in plaats van een belangrijke nieuwe stap. De speeltuin staat altijd onder druk door institutionele inertie en door het al te menselijke verlangen om mee te doen en niet achter te blijven. Het enorme maatschappelijke potentieel aan creativiteit en oplossingen blijft daardoor onbenut. De vraag is hoe innovatie speels en productief kan worden. Manieren om hier stappen te zetten zijn om (1) na te gaan welke cognitieve, institutionele en politieke inkadering optreedt binnen een groot aantal maatschappelijke gebieden; (2) na te gaan met welke mechanismen de oplossingsruimte verkleind wordt in deze gebieden; (3) interessante voorbeelden van dwarse innovatievrijheid te volgen; (4) te experimenteren met het bevrijden van het creatief potentieel.