Hoe kunnen wij (geestelijk) gezond ouder worden?

Deze vraag wordt ingediend namens het Disciplineoverleg Sociale Wetenschappen (DSW). Dit overleg vertegenwoordigt via de decanen duizenden onderzoekers vanuit de sociale wetenschappen. De 23 vragen die het DSW indient, zijn onderverdeeld in drie thema's. Deze vraag valt onder het thema 'Individuele ontwikkeling en ontplooiing'. Lichamelijke en geestelijke gezondheid zijn nauw verbonden met onze interpersoonlijke relaties. De toename van eenzaamheid, nu bij één op de vier ouderen, is in dat licht een veeg teken. Daar staat tegenover dat mensen steeds makkelijker onderling (digitaal) verbinding kunnen maken. Onder welke condities is de vluchtigheid, vrijblijvendheid en soms vijandigheid van een deel van onze contacten problematisch? Voor een antwoord kan beroep gedaan te worden op longitudinale cohortstudies bij jeugd en volwassenen. Nederlandse cohorten zijn uitstekend gepositioneerd om de komende jaren inzicht te geven in de kwaliteit en kwantiteit van relaties binnen en buiten het gezin, het geestelijk functioneren, en het neurobiologisch substraat. De kernvraag daarbij is hoe kwalitatief goede en slechte sociale relaties ontstaan, hoe dit effecten heeft op gezondheid, en hoe mensen en gemeenschappen deze kennis kunnen benutten om met meer onderlinge genegenheid gezond ouder te worden.