Hoe kunnen we zo snel en nauwkeurig mogelijk identificeren wat een enkele cel uniek maakt binnen een populatie? En kunnen we per cel differentiatie en veroudering in kaart brengen?

De afgelopen decennia hebben wetenschappers veel geleerd over het bouwwerk van het leven. We weten steeds beter hoe atomen, moleculen, cellen, weefsels en organen in elkaar grijpen en samenwerken in complete organismen, zoals de mens. De kennis over al die bouwstenen en hun wisselwerkingen groeit nog volop. Tal van eencellige organismen wachten nog op ontdekking. Computermodellen laten ons zien hoe vele biochemische processen op elkaar inwerken, en ‘dode’ elektronica wordt steeds vaker met succes aangesloten op levend materiaal. Aan de horizon gloren tal van mogelijkheden om natuurlijke, door evolutie ontstane levensprocessen te imiteren, herstellen, verbeteren of op de tekentafel nieuw te ontwerpen. De mogelijke toepassingen strekken zich uit van medische technologie tot nieuwe, op levende structuren gebaseerde materialen en industriële processen. Onderzoek als dit raakt de kern van het leven, en ethische vragen zullen dus ook belangrijk zijn. Maar de potentie voor innovatie is groot.