Hoe kunnen we gelukkig oud worden? Dat wil zeggen, hoe kunnen we ervoor zorgen dat het welzijn van ouderen goed blijft of wordt?

We weten dat het welzijn van ouderen vooral bepaald wordt door hun sociale relaties, activiteiten en gezondheid, en hun binding met plekken. Dit betekent dat het belangrijk is voor ouderen om mee te blijven doen in de samenleving. In de huidige participatiesamenleving ligt de nadruk steeds meer op zelfredzaamheid, zo lang mogelijk thuis wonen, en een verschuiving van formele naar informele zorg. In deze context is het interessant om de relatie tussen de mate van participatie in de samenleving en het welzijn van ouderen te onderzoeken. Hoe verschilt deze voor groepen ouderen, zoals mannen en vrouwen, migranten en ‘autochtonen’, ‘jonge ouderen’ en ‘oude ouderen’, en mensen in de stad en op het platteland? Inzicht in dit soort vragen helpt om Nederland beter in te richten voor en met een steeds groter wordende populatie ouderen.