Hoe kunnen de stromingseffecten van lucht om rotor bladen, windturbines en wind parken beter worden begrepen, gemodelleerd en toegepast?

Over stroming van lucht is al heel veel bekend. Bijvoorbeeld kan goed worden voorspeld hoe groot de liftkracht op een vleugel zal zijn. Maar op het blad van een windturbine is de stroming ingewikkelder. De draaiing van het blad zorgt bijvoorbeeld voor een extra stroming van lucht van het hart van de rotor naar buiten en voor continue variatie van de richting waar de wind vandaan komt. Daarnaast speelt in en om windparken de stroming zich op een grote variatie van schaalgroottes af: de millimeters dikke grenslaag vlakbij het blad, de zogstructuren van enkele rotor diameters grootte, de verandering van de wind binnenin een park en uiteindelijk de invloed van een park op de windcondities in een nabijgelegen park. Het gedrag van de stroming op elk van deze verschillende schalen heeft effect op het gedrag van de stroming op de andere schalen. Deze koppeling van gedrag kan niet zondermeer in de huidige modellering bewerkstelligd worden, omdat de modellen zich beperken tot een kleinere variatie in schaalgrootte. Voor het optimaal ontwerpen van windturbines en windparken is meer kennis nodig over zowel het stromingsgedrag op verschillende schalen als de koppeling tussen verschillende schalen.