Hoe kan worden voorkomen dat Nederlanders zich aansluiten bij de Islamitische Staat, Al-Qaida of andere vergelijkbare jihadistische netwerken, groepen en individuen? Heeft in dit kader het intrekken van paspoorten van mogelijke jihadisten nut?

Naast strafrechtelijke middelen wordt in Nederland steeds vaker de bestuursrechtelijke maatregel van het intrekken van paspoorten ingezet in de strijd tegen het jihadisme. Op die manier zou het uitreizen van vermoedelijke jihadgangers naar landen zoals Syrië en Irak worden bemoeilijkt. Maar heeft deze maatregel wel het beoogde effect in de praktijk of kan het ook een averechts effect hebben en zelfs zorgen voor verdere radicalisering? Door het intrekken van paspoorten kunnen eenmaal uitgereisden ook niet meer zomaar terugkeren. Is het wel wenselijk om terugkerende jihadgangers de toegang tot Nederland te ontzeggen of werkt een dergelijk systeem verdere radicalisering in de hand? En wat zijn de ervaringen van andere landen die deze maatregel hebben ingezet? Dit onderzoek zou (wellicht in samenwerking met het Ministerie van Veiligheid en Justitie en het International Centre for Counter-Terrorism in Den Haag) door verschillende onderzoekscentra in Nederland kunnen worden uitgevoerd, bijvoorbeeld: het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving, het interdisciplinaire Center for International Criminal Justice aan de VU, het Center for Terrorism and Counterterrorism aan Leiden.